Bestaat een elf echt?
Misschien heb je er wel eens van gehoord: elfen. Of elven, zoals sommige mensen ze schrijven. Een elf is een klein wezen met puntige oren, vaak lichtvoetig, magisch, en meestal mooi. Maar bestaan ze echt? Of zijn het gewoon sprookjes? In dit artikel neem ik je mee in wat mensen over elfen geloven, en waar die verhalen vandaan zouden kunnen komen.
De oorsprong van de elf
Elven zijn niet hetzelfde als feeën. Ze lijken op elkaar, ja. Allebei klein, magisch, licht, onzichtbaar… Maar er zijn verschillen. Elven komen vaak voor in Noord-Europese verhalen. Denk aan IJsland, Scandinavië, Ierland. Daar geloven mensen zelfs nú nog dat elven bestaan. Dat ze diep in de natuur leven, vaak onzichtbaar voor mensen. Niet in bloemen of paddenstoelen, maar in stenen, heuvels en bossen.
Elven hebben een oude ziel. Ze worden in tegenstelling tot een fee niet altijd gezien als lief en schattig. Ze kunnen streng zijn, maar wijs. En gevaarlijk als je ze niet respecteert.
Elven als natuurgeest
Er zijn verschillende ideeën over waar elven vandaan komen. In sommige oude verhalen worden ze gezien als natuurgeesten. Net als winti’s dus, maar dan uit een ander deel van de wereld. Het zijn geesten die verbonden zijn met bomen, water, lucht en aarde. Sommigen zeggen dat elven de eerste bewoners van de wereld waren, vóór de mensen kwamen. Ze lijken wat dit betreft erg op de Kantamasi winti en Bos indianen: het valt allemaal onder de categorie winti.
In andere verhalen zijn elven een soort tussenwezens. Niet helemaal geest, niet helemaal mens. Ze zouden leven in een andere wereld, parallel aan de onze. Soms glijden ze er even tussenuit en dan zie je ze in de vorm van een orb of zelfs silhouet. Vaak alleen als je je hart ervoor openstelt. Of als je ergens bent waar ‘de sluier dun is’ of op dagen dat de sluier dun is. Denk naast op specifieke dagen ook eens aan mistige ochtenden, schemering, of bossen waar niemand komt.
Waarom geloven mensen in elven?
In IJsland gelooft een groot deel van de bevolking nog steeds in elven. Daar bouwen ze soms geen snelweg als er een steen ligt waar elven in zouden wonen. Ze noemen ze daar huldufólk. Dat betekent letterlijk: het verborgen volk.
Er zijn mensen die zeggen elven gezien te hebben. Vaak worden ze omschreven als slank, puntige oren, lange haren, en lichtgevende huid. Meestal dragen ze groen of wit. Sommige mensen voelen alleen maar hun aanwezigheid. Een soort rust. Of juist een prikkelend gevoel. Alsof je bekeken wordt, maar niet op een nare manier.
Voordelen en nadelen van een elf bij je
Net als bij winti’s, zeggen sommige mensen dat je een elf bij je kunt hebben. Dat die jou uitkiest. Of dat je elfengezin jouw ziel herkent. Dat klinkt misschien vreemd, maar het komt vaker voor in spirituele tradities.
Een elf bij je hebben kan voelen als extra inspiratie, schoonheid in je leven, creativiteit. Maar ook hier geldt: ze willen niet dat je alleen maar ‘neemt’. Als je hun energie gebruikt, moet je ook iets teruggeven. Een dankwoord. Een kaarsje. Een bloemetje. Geen geklaag. Elven houden niet van mensen die klagen. Worden ze genegeerd, dan kunnen ze zich terugtrekken. Dan voel je je misschien ineens inspiratieloos, leeg. Niet omdat ze je willen straffen, maar omdat je verbinding verbroken is.
Of elven écht bestaan? Dat weet ik niet zeker. Ik denk op de winti-manier zeker. Maar ik weet wel dat ze voor veel mensen leven. In verhalen, in dromen, in gevoelens. En dat is ook een soort bestaan. Misschien zijn ze niet te vangen met onze ogen, maar wel met onze ziel.
Dus de volgende keer dat je in het bos bent, kijk even om je heen. Misschien zie je iets bewegen. Of misschien voel je ineens dat je niet alleen bent. Geen zorgen, als het een elf is, zal ze je niets doen. Tenzij je rotzooi achterlaat in haar bos. Dan zou ik maar snel gaan rennen.